Paul van Soest is rector van De Goudse Waarden Heemskerkstraat in Gouda, of zoals hij zichzelf noemt: bevlogen rector. Daarnaast staat hij zelf ook nog voor de klas als aardrijkskundedocent. De Goudse Waarden is een van de eerste scholen in Nederland die structureel met Examplary aan de slag ging: als proeftuin werkten ze afgelopen schooljaar in co-creatiesessies mee aan de ontwikkeling van het product. We spraken Paul over wat hij als schoolleider merkt van werkdruk, waarom hij bewust kritische docenten bij de proeftuin betrok, en wat hem verraste.
Jullie zijn als een van de eerste scholen in Nederland actief met AI aan de slag gegaan. Wat dreef je daartoe?
"Werkdrukverlichting is al jaren een groot thema in het onderwijs. Ik heb zelf altijd lesgegeven en ik vind het belangrijk dat de focus van leraren op de kinderen ligt. Maar leraren zijn heel veel tijd kwijt met nakijken. Mijn hoop is dat AI daar een kwaliteitsslag in kan maken: dat het sneller en gelijkwaardiger wordt, maar dat de docent in de lead blijft. Stel dat een docent acht uur per week bespaart. Dan zet je vier uur in voor analyse: wat komt er uit die toetsing, wat betekent dat voor mijn lessen? En vier uur voor andere dingen: ga sporten, ga wandelen, ga iets leuks doen. Om die pieken er wat uit te halen."
Wat merk jij als schoolleider concreet van die werkdruk?
"De gesprekken in de personeelskamer rondom een toetsweek: hoeveel collega's bezig zijn met het afstemmen rond toetsen, het creëren van toetsen, het nakijken. En wat voor werkpieken dat genereert. Je hebt collega's die zich opsluiten op school tot half zes. Anderen duiken naar de bieb of gaan thuis werken. Het is voor iedereen een intensieve periode."
Hoe deed je het zelf als aardrijkskundedocent?
"Rondom de toetsweken en examens was dat vooral avondwerk: verstand op nul en hard doorbuffelen. Want uitstellen voelde niet goed naar de leerlingen toe, die zitten ook te wachten op hun resultaat. En je gaat tegen zo'n berg opzien, dus liever korte pijn. Soms snij je jezelf ook in de vingers met een nakijkmodel dat te complex is, of je moet achteraf met de sectie nog een paar vragen herzien. Daar gaat gewoon tijd in zitten, want je wilt recht doen aan die leerlingen. En dat principe staat hoger dan het bijhouden van uren."
"Rondom de toetsweken en examens was dat vooral avondwerk: verstand op nul en hard doorbuffelen"
Jullie hebben als proeftuinpartner deelgenomen aan vijf co-creatiesessies. Wat vind je van de kwaliteit van de toetsen die docenten met Examplary maken?
"In het begin van de proeftuin was het op aardig niveau, vooral voor onderbouw. Maar op een gegeven moment kon je de examensyllabus inladen, een domein selecteren, bronnen eraan koppelen, en dan kwamen er best goede vragen uit. Je moet nog wel redigeren en aanpassen, maar in het creatieproces bespaart dat een hoop tijd. Niet iedere docent is een goede toetsenmaker. Sommigen zijn er heel goed in en vinden het leuk. Anderen pakken methodetoetsen. Dit geeft je als docent meer handelingsalternatieven."
Wat is het voordeel van zelf je toets maken met AI ten opzichte van een methodetoets?
"Je kunt de toets meer afstemmen op waar je bent met de leerling. Bij aardrijkskunde kun je bijvoorbeeld lokale contexten gebruiken. De contexten uit het boek kennen ze al, dus pak je iets anders om te kijken of ze het ook in een vreemde context kunnen toepassen. Je kunt er zelfs namen van leerlingen in zetten, gewoon omdat het leuk is. 'Tobias en Paul gingen naar het centrum en kwamen dit tegen, wat zou dat zijn?' Dat sluit veel meer aan bij de belevingswereld."
"Niet iedere docent is een goede toetsenmaker"
Jullie kozen bewust voor kritische docenten in de proeftuin. Waarom?
"We zochten docenten met een kritische houding ten opzichte van AI en die hoge kwaliteit stellen aan hun toetsing. Dat is ook goed geweest voor het traject. Na de eerste sessie kwamen er acht of negen pagina's aan verbeterpunten. Maar dat is precies wat je wilt als je het werkend wilt krijgen in de praktijk. Ik heb daarin de evolutie gezien van een leuk idee naar een product dat steeds beter aansluit bij de praktijk. En we zijn nu op het punt dat we het voor bepaalde vakken en jaarlagen breder willen gaan testen."
Wat heeft jou het meest verrast in de proeftuin?
"De ontwikkelsnelheid van het product. In het begin dacht ik vanuit mijn achtergrond als aardrijkskundedocent: leuk, een topotoetsje, wat monotoon werk uit handen nemen. Maar ik merk dat Examplary ook qua grotere stukken tekst, bronvragen en oefenruimtes steeds sterker wordt. Waar ik eerst dacht dat het iets was dat je af en toe inzet, zoals Kahoot, een leuk tooltje erbij, daar zie ik nu dat het een vaste waarde kan worden in het geven van onderwijs."
"Waar ik eerst dacht: leuk tooltje erbij. Daar zie ik nu dat het een vaste waarde kan worden in het onderwijs"
Wat is er nodig om AI-tooling breder op te pakken binnen een school?
"Je moet sowieso een visie hebben op AI als bestuur. Een gedragscode, kaders waarbinnen je handelt. Daar hoort een scholingsplan bij: wat bied je collega's aan, maar ook, wat bied je leerlingen aan? Binnen onze stichting heb ik die gedragscode geschreven en het scholingstraject opgezet voor de verschillende locaties. Andere schoolleiders zijn blij dat ik daarin het voortouw neem. Ze herkennen het als een ontwikkeling waar ze wat mee willen, maar wel ter versterking van het docententeam. Niet dat de AI het werk overneemt."
Je benadrukt steeds dat de docent in de lead moet blijven. Waarom is dat zo belangrijk?
"Het kan niet zijn dat een leerling slecht scoort en dat een docent denkt: ik heb geen idee waarom, want de AI heeft nagekeken. De docent moet verder met die leerling in het leerproces. Die heeft het overzicht en die weet didactisch en pedagogisch wat er nodig is om die leerling vooruit te krijgen. Dat is de professional, die staat voorop."
Hoe denk je dat leerlingen en ouders aankijken tegen AI-ondersteund nakijken?
"Communicatie staat daarin centraal. Als duidelijk is dat het beoordelingsmodel van de docenten of de vakgroep komt, en dat de docent de complexe zaken nog steeds zelf controleert, dan hoeft het geen probleem te zijn. De tijd die je bespaart kun je inzetten om je lessen te verbeteren. En iedere ouder wil uiteindelijk hetzelfde als de docenten: het best mogelijke onderwijs voor die groep leerlingen. Je hebt een gemeenschappelijk belang. Dat dit kan helpen bij dat belang, die boodschap is belangrijk om helder te krijgen."
Laatste vraag: waar staan we over een jaar?
"Ik begin met mijn doemscenario: dan hebben we heel goed getrainde docenten op het gebied van AI, ze kijken superkritisch en zeggen 'mooi traject, maar dit is hem niet'. Maar ik denk dat we naar mijn positieve scenario toewerken, waarin onze collega's significant tijd besparen en daarmee hun onderwijs kunnen versterken. Niet alleen individueel, maar ook op vakgroepniveau. Docenten hebben vaak wel de skills voor dat soort analyse, maar niet de tijd. Als je die tijd teruggeeft, kan het gigantisch veel opleveren."
"Docenten hebben vaak wel de skills voor dat soort analyse, maar niet de tijd"
